Advies bedrijfsarts leidend bij RIV-toets: nieuw wetsvoorstel
Een nieuw wetsvoorstel van de ministers Aartsen (Werk en Participatie) en Vijlbrief (Sociale Zaken) regelt dat het advies van de bedrijfsarts leidend wordt bij re-integratie. Op 10 juli 2026 is het wetsvoorstel naar de Tweede Kamer gestuurd. De beoogde ingangsdatum is daarbij 1 januari 2028. De kern van het nieuwe wetsvoorstel is dat het advies van de bedrijfsarts leidend dient te zijn bij de RIV-toets die UWV uitvoert na 104 weken arbeidsongeschiktheid.
Als het wetsvoorstel wet wordt biedt het advies van de bedrijfsarts werkgevers vooraf zekerheid: als zij het advies opvolgen dan voldoen ze aan hun verplichtingen. Een werkgever die de adviezen van de eigen bedrijfsarts consequent opvolgt krijgt geen loonsanctie meer opgelegd. Nevendoel is dat de inzet van UWV verzekeringsartsen ook fors beperkt wordt. Dan is er meer tijd voor het beoordelen van WIA-aanvragen. Dat is ook hard nodig gezien de huidige achterstanden op dit vlak.
Het advies van de Raad van State met betrekking tot het wetsvoorstel was overigens niet mals. Volgens de Afdeling beperkt het wetsvoorstel de mogelijkheid van UWV om de zogenaamde “poortwachtersfunctie” goed te kunnen invullen. Het aantal WIA-aanvragen zou daardoor fors kunnen gaan stijgen. Ook zou de eigen verantwoordelijkheid van de werkgever voor de re-integratie van de zieke werknemer afnemen. De Afdeling is er tenslotte niet gelukkig mee dat het risico van een onterecht advies van de bedrijfsarts geheel bij de zieke werknemer komt te liggen. Die kan daar maar beperkt op anticiperen. De Afdeling adviseerde om deze specifieke maatregel uit het voorstel te heroverwegen, ook omdat maar 175 loonsancties per jaar hiermee verband houden.
Het klinkt als goed nieuws voor de rechtspositie van werkgevers om het advies van de bedrijfsarts leidend te maken bij re-integratie. De loonsanctie en de daarbij behorende verplichting om nog een heel jaar het salaris te moeten doorbetalen (veelal voor 80% op basis van de vigerende onderwijs cao’s) is de meeste onderwijswerkgevers een doorn in het oog. De keerzijde is natuurlijk dat de rol van de bedrijfsarts zwaarder gaat wegen en dat mogelijk vaker een second opinion bij een andere bedrijfsarts zal worden gevraagd. Overigens blijft UWV wel de mogelijkheid houden om een loonsanctie op te leggen als er onvoldoende re-integratie inspanningen zijn verricht. Of werkgevers daar gelukkig mee moeten zijn is nog maar de vraag. Het wordt dan namelijk nog belangrijker om alle re-integratiedocumenten tijdig op te stellen en voldoende te motiveren.

